De Katholieke Contrareformatie in de 21ste eeuw
Print Friendly, PDF & Email

22. Tegen de hartstochten van het vlees  : de zuiverheid

Christus vergaf grootmoedig aan de zondaars. Toch heeft Hij hun misdaden uitgeboet ten koste van een wreedaardig lijden en het vergieten van zijn Bloed. Door zijn voorbeeld en dat van zijn heilige Moeder heeft Hij een nieuwe levenswijze ingeleid, een nieuwe schepping waarnaar de heidense en afvallige volkeren tevergeefs uitkeken. In die nieuwe schepping zijn het vlees en het bloed de materie voor een eeuwig, aan God aangenaam offer voor de redding van de wereld. Er begon een nieuw, geestelijk bestaan, weliswaar nog altijd in het vlees, aards en tijdelijk, maar toch werd dat vlees aan banden gelegd, geheiligd, van al zijn koortsen gezuiverd. Het was alsof het al verrezen en herschapen was.

  1. Het is de plicht van de falangist om aan dit nieuwe leven deel te nemen. Zonder dat het voor hem een ondraaglijke last wordt, neemt hij als levensregel de zuiverheid aan die de Kerk voorschrijft aan iedereen volgens zijn levensomstandigheden. Hij houdt van die zuiverheid, hij acht haar hoog, hij beveelt ze aan. En als hij in een of andere fout valt of hervalt, erger nog  : als hij het ongeluk heeft zich door een publieke zonde uit de gemeenschap van de gelovigen uit te sluiten, dan vraagt hij de absolutie om door zijn Heer en zijn broeders opnieuw in de genade opgenomen te worden. Nooit zal hij de wet van de Kerk betwisten, nooit zal hij twijfelen aan de overvloedige kracht van de goddelijke genade.
  2. In alle gemeenschappen waartoe de falangist behoort, zal hij daarom willen, zelfs eisen, dat die evangelische wet verkondigd en nageleefd wordt als de wet zelf van de menselijke natuur en beschaving. Hij zal duidelijk maken dat iedereen die wet kan onderhouden, dankzij de genade die Christus schenkt en de Kerk uitdeelt.

En wanneer de tot zinnelijkheid geneigde mensen tegen die eisen in het verweer komen en zeggen dat ze ondraaglijk zijn, dan zal de falangist daar niet voor door de knieën gaan. Hij zal weigeren onze christelijke samenleving naar de heidense zeden te laten modelleren en onderstrepen dat de wet naar het geloof moet voeren en dat het geloof het sacramentele leven vereist, vol kracht en genade. Daardoor alleen is het gebod van de Heer zacht en zijn last licht, zodat de zeden van de mensen veredeld worden tot de heilige volmaaktheid van de kinderen Gods.