De Katholieke Contrareformatie in de 21ste eeuw
Print Friendly, PDF & Email

8. Over de heidense religies en wijsheid

De eredienst van het goddelijk Woord dat voor altijd in onze heilige boeken is vastgelegd, het geloof in het nieuwe en eeuwige Verbond dat in het Oude Testament beloofd werd en in het Nieuwe verwezenlijkt, het zien van de wonderen en mysteries van genade en heerlijkheid die door God in de Kerk werden en worden bewerkt, dat alles houdt de falangist af van afgodendiensten en buitenissige filosofieën, menselijke uitvindingen uit tijden van onwetendheid en ellende.

  1. De falangist is van mening dat er in die zaken geen enkele waarheid schuilt die niet veel beter onderwezen wordt door de Kerk, geen mogelijkheid tot heil die niet met meer zekerheid door Jezus geschonken wordt, geen rechtstreekser en heerlijker weg dan die van het goddelijk Verbond in Christus. Hij stelt daarom geen enkel belang in de heidense mythologieën en vormen van gnosis. Hij kent ze geen rechten toe en ziet er geen toekomst voor. Die religies kennen de ware God niet en dus evenmin de bovennatuurlijke wijsheid. Ze weten niets over het Verbond en dus ook niet over het geheim van de wereldgeschiedenis. Ze zijn niet op de hoogte van het Heil en bijgevolg evenmin van de weg naar het eeuwig leven.
  2. Elke vorm van heidendom moet verdwijnen voor de adem van de evangelische prediking en wijken voor het koninkrijk Gods. De geschiedenis maakt duidelijk hoe alle heidense religies en wijsheid uiteenspatten wanneer de twee grote apocalyptische krachten, Christus en de Antichrist, met elkaar in botsing komen. Dan blijft er van het heidendom slechts holle folklore over.
  3. Niettemin weifelt de falangist tussen de twee houdingen die altijd al in de Kerk bestaansrecht hebben gehad. De ene zienswijze respecteert de waarheden, waarden en goede eigenschappen van de heidense godsdiensten en hun vaak heel menselijke en mooie riten als voorbereiding op de boodschap van het Evangelie, met dien verstande dat zij noodzakelijkerwijze moeten overstegen en afgezworen worden om plaats te maken voor de ene Kerk van Christus. De andere zienswijze legt de nadruk op de dwalingen en de soms verschrikkelijke immoraliteit van de afgoderij  ; zij ziet er slechts uitvindsels van Satan in om de volkeren in zijn greep te houden en bijgevolg verwerpelijke hinderpalen die men moet omvergooien om de weg te openen voor het Evangelie.

Die twee perspectieven kunnen voor de falangist maar één gevolg hebben  : hij zal tegenover die religies en filosofieën een voorzichtige verdraagzaamheid aan de dag leggen, waardoor de prediking van de goddelijke waarheid en de bereidheid van de heidense volkeren om de christelijke beschaving aan te nemen niet worden vertraagd, maar integendeel vergemakkelijkt.

  1. Dan is er nog het oude pantheïsme, in zijn westerse stoïcijnse vorm of als oosterse wijsheid, dat in de moderne wereld opnieuw furore maakt via de postchristelijke gnosis en de pseudowetenschappen. Het beweert de onrust van de hedendaagse mens tot bedaren te brengen en zijn nieuwsgierigheid te bevredigen. De falangist verwerpt dat alles en bestrijdt het als volkomen tegengesteld aan de rede en het gezond filosofisch denken, maar meer nog als een schijngodsdienst, een lapmiddel voor de verlossing, een terugkeer naar de onwetendheid en naar de slavernij van Satan.