DE ACTUALITEIT DOORGELICHT
OKTOBER 2026
CHAOS, REVOLUTIE, OORLOG
FRANKRIJK OP DE RAND VAN DE AFGROND
«HET nieuwe Griekenland» : zo kijken de andere Europese landen en vooral de financiële markten naar onze zuiderburen, waar de tijdbom tikt en een catastrofale crash voor de deur staat. Volgens econoom Nicolas Baverez in Le Figaro is de financiële crisis na het Macron-decennium geen dreiging meer ; ze is al begonnen (Dette, travail, école, immigration… Comment redresser la France après la faillite des années Macron, 13 sep. 2026).
«Sinds het einde van de Vierde Republiek (1946-1958) is ons land nog nooit getroffen door een zo ernstige financiële crisis die zijn onafhankelijkheid en soevereiniteit bedreigt.» De staatsschuld is onbeheersbaar geworden met een rentevoet van 4,3 % bij een nominale groei van minder dan 3 % en een schuldendienst die vóór het einde van het decennium meer dan 100 miljard euro zal bedragen, waardoor de financiering van de openbare diensten en elke vorm van investering onmogelijk worden.
De staatsschuld bedraagt 117,5 % van het bbp. Daaraan moet nog meer dan 180 miljard aan EU-leningen worden toegevoegd voor het (mislukte) post-COVID-herstelplan en voor de oorlog in Oekraïne waarin Emmanuel Macron Frankrijk heeft meegesleurd, evenals 12.300 miljard ( !) aan toekomstige pensioenverplichtingen… Het spreekt voor zich dat de markten Parijs nauwlettend in de gaten houden. Het is volgens Baverez heel goed mogelijk dat er een schok plaatsvindt nog vóór de presidentsverkiezingen in het voorjaar van 2027.
Maar geen enkele kandidaat voor de komende stembusgang stelt een echte breuk voor met het huidige beleid dat Frankrijk tegen de muur doet knallen. Ze deinzen allemaal terug voor fundamentele keuzes en opteren liever voor zachte pleisters op stinkende wonden, precies de “politiek” die Frankrijk in deze toestand heeft gebracht. Enige uitzondering : de extreemlinkse Jean-Luc Mélanchon van La France Insoumise, die gesteund wordt door de radicale miljonair Matthieu Pigasse en die, als breuk met het verleden, het suïcidale voorstel op tafel heeft gelegd om heel de staatsschuld bij de Europese Centrale Bank gewoon te annuleren… wat tot gevolg zou hebben dat het land in een complete chaos gestort wordt.
Bovendien is de Franse regering terechtgekomen in een fase van ernstige uitputting, om niet te zeggen van totaal diskrediet, met de verlamming van de instellingen van de Vijfde Republiek. De logge en machteloze staatsmachine slokt 57,2 % van het bbp op (1770 miljard euro aan uitgaven), terwijl ze er niet in slaagt de basisvoorzieningen op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg, veiligheid en justitie te waarborgen.
GENERALE REPETITIE
Het Rassemblement National van Marine Le Pen ligt stevig op kop in alle peilingen. De radicaal-rechtse politica zou in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen op 33 % van de stemmen kunnen rekenen, bijna het dubbele van elk van haar twee belangrijkste rivalen (peiling Huffpost, 30 sep. 2026). Maar doorslaggevend is natuurlijk de tweede ronde tussen de twee koplopers. In een hypothetisch duel met Mélanchon zou zij 69 % behalen en ook in een tweekamp met een centrum-kandidaat (Edouard Philippe, Gabriel Attal) zou zij aan het langste eind trekken met 57 % (peiling Harris Interactive-Toluna, 28 sep. 2026).
Maar er kan vóór 18 april 2027 nog van alles gebeuren. Een verrassende wending is niet uitgesloten, zoals tien jaar geleden toen de gedoodverfde opvolger van president François Hollande, de rechtse oud-premier François Fillon, door een georkestreerde mediacampagne ten val werd gebracht ten voordele van de voormalige Rothschild-bankier Emmanuel Macron.
Iets gelijkaardigs maken we nu al mee met Jordan Bardella, rechterhand van Le Pen en mogelijke toekomstige eerste-minister : eind september nagelde het digitale magazine Mediapart hem aan de schandpaal voor vermeende antisemitische uitspraken die hij als 17-jarige op Messenger deed. Daar past een kanttekening bij. Als Bardella schrijft : «De belangrijkste ministerposten gaan naar mensen voor wie Israël en de banken voorrang hebben op de Franse belangen», dan gaat het niet om antisemitisme, maar hoogstens om antizionisme (afkeuring van de politiek gevoerd door de zionistische staat Israël). De twee begrippen worden bewust door elkaar gehaald om critici van de regering-Netanyahu de mond te snoeren (zie het artikel Antisemitisme of antizionisme ? in De Actualiteit Doorgelicht van juni 2024). Hoe dan ook is de reputatie van Bardella beschadigd en vrezen zijn medestanders voor «een traag werkend gif».
Ondertussen staat Frankrijk in rep en roer door een ongeziene golf van gewelddadigheid. Wat begon als vreedzaam scholierenprotest tegen het falen van het onderwijssysteem – verouderde gebouwen, plaatsgebrek, afwezige leerkrachten die niet vervangen worden enz. – is uitgegroeid tot een prerevolutionair klimaat. Honderden onderwijsinstellingen hebben hun deuren moeten sluiten en de politie heeft meer dan vijfduizend personen opgepakt, vooral minderjarigen.
Men moet geen genie zijn om te constateren wat VRT-journalist Steve Decraene op 5 oktober vanuit Rijsel meldde : «Extreemlinkse relschoppers mengen zich onder de betogers.» Zo gaat het de afgelopen jaren altijd, alleen is het deze keer veel, veel ernstiger. De linkse ultra’s van Mélanchon & co. gooien olie op het vuur en geven hun steun aan de oproerkraaiers en professionelen van het stedelijke geweld. Waarom ? Om een generale repetitie te houden voor het geval het Rassemblement National de presidentsverkiezingen wint, want dan breekt de hel écht los. Deze tactiek is bedoeld om de brave burger de daver op het lijf te jagen en hem af te houden van een stem op Le Pen. Zo installeert de chaos zich bij onze zuiderburen, in een context van pedagogisch en sociaal failliet.
Zou Marine Le Pen als president trouwens echt het verschil maken ? Dat is zeer twijfelachtig. Ze kan ongetwijfeld voor een aantal verbeteringen zorgen, maar het oppermachtige Systeem met de vrijmetselarij aan alle knoppen zal altijd het overwicht hebben. Als zij de te verwachten straatrevolutie overleeft, zal zij onpopulaire maatregelen moeten nemen die Jean-met-de-pet niet zal aanvaarden. Gevolg : ofwel nog meer geweld, ofwel capitulatie en “ business as usual ”.
Men zegt wel eens dat de democratie de minst slechte staatsvorm is. Dat is onzin : de democratie is in de praktijk het regime van partijgebonden arrivisten die door mysterieuze handen naar voren geschoven worden en die vooral uit zijn op hun eigen belang (enkele uitzonderingen niet te na gesproken). Zij moeten het Volk vleien en zijn machteloos om het landsbelang te dienen zonder onderscheid des persoons.
DE RUSSISCHE PUBLIEKE OPINIE EN DE OORLOG
Hoe staan de Russen tegenover de oorlog van hun land tegen Oekraïne ? Daarvoor kunnen we op geen enkele van onze mainstream-media betrouwen, want die zijn zo vooringenomen dat ze alleen maar klinkklare onzin verspreiden. We baseren ons daarom op een erg interessant artikel van Mériadec Raffray in Valeurs actuelles van 1 oktober 2026 : «La Russie est condamnée à aller jusqu’au bout» : Moscou entre fatigue de guerre et fidélité à Poutine.
Raffray, een Franse historicus, reserveofficier en journalist, trok onlangs naar de Russische hoofdstad om de temperatuur bij de bevolking te meten.
«De verkiezingen in het grootste land ter wereld (17 miljoen km²) gingen door van 18 tot 20 september. Aan de stembusgang deden voor het eerst ook de geannexeerde gebieden mee, namelijk de Krim en de bezette oblasten van de Donbas. De grote overwinnaar was de opkomst ; bijna 60 % van de bevolking bracht zijn stem uit, een ongeëvenaard record in de recente Russische geschiedenis. De experts hadden eerder gerekend op 51 %, zoals in 2021. Het hoge niveau nu “volstaat om de vitaliteit van de Russische democratie aan te tonen en het akkoord van de meerderheid met de huidige lijn”, aldus een universiteitsstudent die ik interviewde.»
Volgens Mériadec Raffray is de Russische publieke opinie veel genuanceerder dan men zou kunnen denken. Een eerste indruk is die van oorlogsmoeheid. De Russen die hij ontmoette, spreken over een gevoel dat zij aanduiden met het woord toska, een mengeling van vermoeidheid, melancholie, moedeloosheid en een zekere verbittering. Deze vermoeidheid betekent echter niet dat men zich van Vladimir Poetin afkeert. Dat werd ruimschoots bevestigd door de resultaten van de parlementsverkiezingen : 58 % van de kiezers sprak zijn steun uit voor de partij Verenigd Rusland. Daarmee kreeg Poetin in de Doema een zeer ruime meerderheid van meer dan twee derden, waardoor hij in feite kan doen wat hij wil. Het waren de eerste parlementsverkiezingen sinds het begin van het offensief in Oekraïne.
De gesprekspartners van de journalist leggen dan ook uit dat zij voor het merendeel vertrouwen in hem blijven stellen. Velen zijn van mening dat men tijdens een storm niet «van kapitein moet veranderen» en vinden dat de president er tot nu toe in is geslaagd de Russische bevolking voor een groot deel te beschermen tegen de rechtstreekse gevolgen van de oorlog.
De meningen verschillen echter naargelang van de generaties. De vijftigers en zestigers stellen zich bijzonder hard op tegenover Oekraïne. Sommigen vinden dat, achteraf bekeken, de Sovjet-Unie een zware fout gemaakt heeft door de onafhankelijkheid van Oekraïne en van andere voormalige Sovjetrepublieken te aanvaarden. Zij zien in die beslissing het begin van een proces dat uiteindelijk tot de oorlog heeft geleid. Tegelijkertijd beschrijven zij het conflict als een burgeroorlog tussen volkeren die volgens hen nauw met elkaar verbonden zijn door hun geschiedenis, cultuur, godsdienst en familiebanden.
Bij de dertigers en veertigers lijkt de houding pragmatischer te zijn. De oorlog heeft hen geleidelijk verwijderd van politieke overwegingen en hen teruggebracht naar de dagelijkse zorgen : werk, gezin en de toekomst van hun kinderen. Ook beginnen de inflatie en de economische vertraging te wegen op de hogere middenklasse.
De jongste generatie, die van 18 tot 20 jaar, uit vooral bezorgdheid. Sommigen vrezen dat ze gemobiliseerd zullen worden en zijn zelfs bang dat het conflict zich zal uitbreiden tot een Derde Wereldoorlog. Zij hebben ook het gevoel dat de West-Europeanen Rusland niet langer in de Europese ruimte willen opnemen.
Raffray bericht dat de meerderheid van de Russen vrede en onderhandelingen wenst, maar tegelijk van mening is dat daar noodzakelijkerwijs een hoge prijs aan verbonden zal zijn. Er blijft echter een rode lijn bestaan voor de Russen : zij weigeren dat Oekraïne «zijn escalatie en provocaties opnieuw zou kunnen beginnen». Zo draait het vandaag in Rusland minder om de vraag of de oorlog moet worden voortgezet, dan wel om de vraag welke prijs men zal moeten betalen nu het conflict voortduurt.
WAT GEBEURT ER OP HET TERREIN ?
Voormalig kolonel Hervé Carresse heeft op de website van Omerta een glasheldere analyse gegeven van de huidige oorlogshandelingen in Oekraïne : Mer Rouge, Ukraine, Etats-Unis : décryptage des tensions géopolitiques, 18 sep. 2026.
Hij legt uit dat er op tactisch niveau momenteel een operatie aan de gang is bij Lyman – een stad in de oblast Donetsk die een belangrijk spoorwegknooppunt vormt – waar de Oekraïense strijdkrachten, met name het 3de korps “Azov”, terrein hebben heroverd. De Russische militairen hebben zich teruggetrokken en zijn voor het merendeel de rivier de Zherebets overgestoken om zich ten oosten daarvan opnieuw te organiseren.
Een onverwachte overwinning voor Zelensky ? Laten we niet te snel van stapel lopen… Carresse onderstreept dat een dergelijke Russische reactie bijna systematisch is wanneer er een tegenoffensief van hun vijanden plaatsvindt. Telkens als de Russen moeilijkheden ondervinden, hebben zij de neiging zich terug te trekken, zoals zij ook deden in augustus 2024 tijdens het Oekraïense offensief tegen Koersk, dat nochtans op Russisch grondgebied werd uitgevoerd.
Nadat zij achteruit zijn getrokken, gebruiken zij hun overwicht aan vuurkracht om het verloren terrein geleidelijk terug te veroveren en de Oekraïners zware verliezen toe te brengen. Hun overwicht berust op luchtsteun en geleide bommen, hun veldartillerie aan het front, hun langeafstandsgeschut en hun drones. De Russen zetten hun volledige vuurkracht in, die aanzienlijk groter is dan die van de Oekraïners. Zij bestoken en beuken de vijandelijke posities, waardoor de tegenstander uiteindelijk al het veroverde terrein weer verliest. Dat is wat er in Koersk en Koepjansk is gebeurd en in de loop van de oorlog ook vrij systematisch elders.
Wat de drones betreft, bestond er aanvankelijk een zekere gelijkwaardigheid tussen beide kampen. Inmiddels beschikken de Russische FPV-drones (“first-person view”) aan het front echter over een kwalitatief én kwantitatief overwicht. In tegenstelling tot de Oekraïners gebruiken de Russen veel drones die via een kabel met de grond verbonden zijn en daardoor buiten het bereik van de Oekraïense elektronische tegenmaatregelen blijven.
Twee andere gebieden vormen momenteel het toneel van bijzonder zware gevechten. Het eerste bevindt zich in de regio Kramatorsk en Slovjansk, in het noorden van het front. Wanneer deze steden worden ingenomen, zal de Donbas veroverd zijn. Maar deze strijd zal nog buitengewoon moeilijk worden, omdat men zich hier in het hart van het Oekraïense fortificatiesysteem in de Donbas bevindt, de zgn. Fortress Belt. We mogen ons dus verwachten aan langdurige gevechten die gepaard zullen gaan met veel verwoestingen.
Maar de strijd die doorslaggevend kan zijn vindt verder naar het zuiden plaats, aan het front van Zaporizja, bij Orichiv. Als de regio rond Orichiv door de Russen wordt veroverd, zal dat hun de mogelijkheid bieden tot belangrijke verdere operaties. Dat is trouwens de reden waarom de Oekraïners hier in de zomer van 2023 hun offensief in de tegenovergestelde richting hadden ingezet. Als de Russische strijdkrachten erin zouden slagen door te breken in de richting van de Dnjepr, zou dat een politieke schok veroorzaken in Oekraïne en Europa.
Deze doorbraak zou de Russen twee strategische mogelijkheden bieden. De eerste zou erin bestaan de vestinggordel van de Donbas te omzeilen door langs de Dnjepr naar het noorden op te rukken. Daardoor zouden de Oekraïense strijdkrachten die zich in de Donbas bevinden, gedwongen worden dat gebied te evacueren. De tweede mogelijkheid zou zijn om de Dnjepr over te steken en de stad Zaporizja te isoleren ; dat zou de voltooiing betekenen van de verovering van de oblast Cherson. Dit alles verklaart de hevigheid van de huidige gevechten en de aanwezigheid van talrijke Oekraïense eenheden van hoge kwaliteit... die voorzien zijn van al het westerse wapentuig dat maar mogelijk is.
NEUTRALISERING VAN DE OEKRAÏENSE DRONEMUUR
Maar de Russische strategische optie om de Dnjepr over te steken, kan alleen worden uitgevoerd als zij erin slagen de Oekraïense dronemuur uit te schakelen. Om vooruit te kunnen komen en met name om gepantserde en gemechaniseerde eenheden te kunnen inzetten, moeten de Russen immers voorkomen dat de Oekraïense drones hen doeltreffend kunnen aanvallen.
Deze neutralisering berust op verschillende soorten defensieve acties, maar ook op het uitvoeren van offensieve operaties. Het gaat er met name om de Oekraïense operatiecentra voor drones uit te schakelen, dat wil zeggen de plaatsen aan het front waar de drone-operators zich bevinden. Daarnaast proberen de Russen veel breder de volledige logistieke keten die deze dronemuur van bevoorrading voorziet aan te vallen. In die context hebben de Russen talrijke tankstations en Oekraïens spoorwegmaterieel vernietigd ; naar verluidt zouden ongeveer 500 locomotieven tot schroot herleid zijn.
Het doel is dus niet alleen de drones zelf aan te vallen, maar ook alles wat nodig is voor het gebruik, de productie en het transport ervan naar het front. De Europeanen roepen moord en brand over deze “inmenging” van Rusland… maar vergeten gemakshalve dat zij het zélf zijn die zich “mengen” in de strijd tussen Moskou en Kiev.
Deze kwestie leidt er ook toe dat men zich vragen stelt over vernietigingen of branden die hebben plaatsgevonden in bepaalde landen van de Europese Unie die bondgenoten van Oekraïne zijn. Sommige van deze landen hebben industriële installaties bestemd voor de productie van materieel voor Oekraïne, met name drones. Er zijn ongeveer vijf à zes branden geweest die als verdacht werden beschouwd, onder meer in Italië, Bulgarije, Duitsland en, meest recent, in Polen. In Warschau werd deze kwestie aangekaart door premier Tusk, die zich wantrouwig toonde over de oorsprong van de brand in een fabriek waar drones voor Oekraïne werden geproduceerd.
De confrontatie beperkt zich dus niet strikt tot de frontlinie, maar heeft ook betrekking op de industriële en logistieke infrastructuur in Europa die de oorlogsinspanning van Kiev ondersteunt. Wij oogsten wat wij gezaaid hebben.
HET GROTE AMERIKAANSE DEBACLE
In het Midden-Oosten heeft Donald Trump zich door Netanyahu en de Amerikaans-joodse lobby laten meeslepen in een oorlog tegen Iran, zoals we vroeger al uitlegden. Met typisch Amerikaanse neerbuigendheid verzuimden de beleidsmakers in de VS om vooraf een duidelijke strategie uit te tekenen of een grondige analyse van de tegenstander te maken.
Washington werd vanaf het begin geconfronteerd met Iraniërs die vastberaden, georganiseerd en vooruitziend zijn. Dit toont aan dat technologische en materiële superioriteit op zich niet volstaat en dat strategie, motivatie en samenhang een aanzienlijk verschil kunnen maken. Na Irak en Afghanistan ervaren de Amerikanen nu opnieuw dat het waanzin is om oorlog te voeren zonder echte langetermijnstrategie, in de veronderstelling dat het probleem met geweld – Shock and Awe, de tactiek van de verpletterende voorhamer – kan worden opgelost.
Wat gebeurt er ter plaatse ? In de beginfase van de oorlog hadden we vooral toegang tot beelden die de verschillende partijen bereid waren te tonen. Aan Israëlische en Amerikaanse kant zagen we wel hoe Iran raketten afschoot, maar niet welke schade die aanrichtten aan Amerikaanse bases en Israëlische locaties. Dit wekte de indruk dat deze aanvallen niet echt doeltreffend waren. Ondertussen weten we beter, want er doken beelden op die toonden hoe zwaar verschillende VS-bases in het Midden-Oosten getroffen werden.
Met de opkomst van drones en ballistische raketten zijn die grote bases bijzonder kwetsbaar, omdat ze zijn ontworpen om conflicten van een andere aard het hoofd te bieden. De betrokken militaire complexen zijn enorm van omvang, met een omvangrijke infrastructuur, lange start- en landingsbanen en talrijke vliegtuigen. Ze vormen dus zeer opvallende doelwitten. De traditionele beschermingssystemen volstaan amper om ze te verdedigen tegen de nieuwe wapens die in staat zijn veel defensieve voorzieningen te omzeilen.
Nog een grote uitdaging vormen de Amerikaanse wapenvoorraden. Het Pentagon heeft moeten toegeven dat er een tekort aan munitie is als gevolg van deze oorlog, want de VS en Israël hebben reusachtige hoeveelheden peperdure munitie gebruikt. Wat de Tomahawk-raketten betreft, zal het volgens schattingen twee tot vier jaar duren om de voorraden opnieuw op het niveau van vóór de oorlog te brengen. Hetzelfde probleem doet zich voor bij de Patriot-raketten, met name de PAC-3-versies, die als enige effectief zijn tegen ballistische raketten.
«Volgens drie bronnen die op de hoogte zijn van de gegevens heeft het Amerikaanse leger tijdens de vijf maanden durende oorlog met Iran “ vrijwel de gehele ” voorraad uiterst nauwkeurige langeafstandsraketten opgebruikt, wat zorgen baart over de paraatheid van het leger voor toekomstige conflicten. Het gaat hierbij voornamelijk om de grond-grondraketten van het leger, bekend als Army Tactical Missile Systems (ATACMS) en Precision Strike Missiles (PrSM). Deze langeafstandsmunitie – die per stuk meer dan 1 miljoen dollar kost – vormt een belangrijk onderdeel van het wapenarsenaal van het leger en maakt nauwkeurige aanvallen vanaf een veilige afstand mogelijk. […]
«Drie personen die vertrouwd zijn met de materie drukten hun bezorgdheid uit dat het tekort aan dit wapentuig de mogelijkheid van de VS om vijanden af te schrikken, met inbegrip van Rusland en China, kan beperken» (Erin Banco & James C. Reynolds, US runs out of nearly all of its long-range missiles leaving Trump short of options in Iran, 5 aug. 2026).
EEN MEMORANDUM DAT GUNSTIG IS VOOR TEHERAN
Op 17 juni van dit jaar, bijna vier maanden na het uitbreken van de oorlog, ondertekenden de VS en Iran een voorlopig akkoord van 14 punten dat als kader moest dienen voor een definitief akkoord. Dit “memorandum van overeenkomst” (Memorandum of Understanding, MoU), dat door Pakistan bemiddeld werd, is bijzonder belangrijk voor Teheran omdat het tegemoet komt aan verschillende eisen van de Iraniërs. Dit akkoord voorzag met name in :
1. De onmiddellijke en permanente beëindiging van de militaire operaties tussen de VS en Iran, op alle fronten, inclusief in Libanon.
2. Wederzijdse eerbiediging van de soevereiniteit en de territoriale integriteit.
3. Onderhandelingen over een definitief akkoord binnen 60 dagen.
4. De beëindiging van de Amerikaanse zeeblokkade tegen Iran en de terugtrekking van Amerikaanse troepen uit de omgeving van Iran.
5. De heropening van de Straat van Hormuz. Iran verbond zich ertoe gedurende 60 dagen de vrije doorgang van handelsschepen te vergemakkelijken, waarna in overleg met Oman en de andere oeverstaten de toekomstige regeling voor het beheer van de Straat zou worden vastgesteld.
6. De uitvoering van een plan van ten minste 300 miljard dollar voor de wederopbouw en de economische ontwikkeling van Iran, gefinancierd door regionale partners van de VS.
7. De geleidelijke opheffing van de Amerikaanse sancties tegen Iran.
8. Wat de nucleaire kwestie betreft, bevestigde Iran opnieuw dat het niet zou streven naar het verwerven of ontwikkelen van kernwapens.
Het is duidelijk dat deze overeenkomst impliciet de overwinning van Teheran op Washington en Tel Aviv erkent. Het sjiitische regime dat men van de kaart wilde vegen, staat sterker dan ooit en wordt op basis van het MoU niet langer als een paria behandeld, maar opnieuw geïntegreerd in het internationale systeem.
Netanyahu was woedend en ging gewoon door met zijn aanvallen op Libanon en Gaza. Trump, die het voorlopige akkoord ondertekend had in Versailles aan de zijde van Macron, besefte al snel dat hij iets moest doen om niet met de vinger gewezen te worden als verliezer.
DE AFFAIRE VAN DE “EVER LOVELY”
Nauwelijks een week later, op 25 juni, werd hij op zijn wenken bediend. Het onder Singaporese vlag varende containerschip Ever Lovely werd die dag aan stuurboordzijde geraakt door een onbekend projectiel toen het de Straat van Hormuz verliet via de zuidelijke corridor dicht bij de kust van Oman. Er vielen geen slachtoffers en ondanks de schade kon het schip zijn doorvaart voortzetten. Maar nauwelijks enkele uren later al schreef de Amerikaanse regering de aanval toe aan een drone die was ingezet door de marine van de Iraanse Revolutionaire Garde, hoewel Teheran de verantwoordelijkheid nooit formeel heeft opgeëist.
Ging het om een False flag, een operatie die zo ontworpen wordt dat het lijkt alsof ze wordt uitgevoerd door de vijand ? Die mogelijkheid kan zeker niet uitgesloten worden. Feit is dat de VS als vergelding vervolgens Iraanse installaties aanviel, wat een nieuwe escalatie veroorzaakte en het conflict terug deed ontbranden.
In deze tweede fase van de oorlog proberen de Amerikanen de controle over de Straat van Hormuz te heroveren. Deze poging lijkt met een sisser te zullen aflopen. Een derde van de Amerikaanse vloot is aanwezig in het gebied, maar kampt met ernstige logistieke problemen en slijtage van zowel materieel als manschappen.
Aan Iraanse zijde is het doel om Washington ertoe te bewegen het memorandum van Islamabad na te leven. Om dit doel te bereiken voert Teheran de druk op de VS op door te streven naar een stijging van de wereldwijde olie- en gasprijzen. Hiervoor maken de Iraniërs gebruik van proxy-strijdkrachten om het conflict uit te breiden zonder hun eigen manschappen rechtstreeks in te zetten. De belangrijkste hefboom bevindt zich in Jemen, bij de Houthi’s, die er in geslaagd zijn de oostkust van de Straat van Bab el-Mandeb te veroveren. Ze controleren de doorgang niet in strikte zin, maar ze beschikken over een doorslaggevend vermogen om de trafiek door de waterroute te verstoren. Dat is geostrategisch niet te onderschatten, want 40 % van de handel tussen Azië en Europa verloopt via de Rode Zee en het Suezkanaal.
Het eerste gevolg van zo’n verstoring betreft de scheepsverzekeringen. Als het risico te groot wordt, verhogen de verzekeraars hun tarieven aanzienlijk of kunnen ze zelfs weigeren bepaalde schepen te verzekeren. Een relatief beperkte militaire dreiging kan dus veel grotere economische gevolgen hebben, met name voor de transport- en energiekosten.
“THE KINGDOM” IN HET VIZIER
Deze strategie dient in de eerste plaats om druk uit te oefenen op de westerse belangen en in het bijzonder op Saoedi-Arabië. Op aandringen van Teheran proberen de Houthi’s vooral de doorvaart te voorkomen van schepen die Saoedische olie vervoeren. Want Iran wil een strategische aardverschuiving veroorzaken door Saoedi-Arabië los te rukken uit het bondgenootschap met de VS, dat tot stand kwam in 1945 en aan de basis ligt van de petrodollar.
Parallel daarmee mobiliseren de Iraniërs andere gelijkgezinde groeperingen in Libanon, Syrië en Irak. In de ochtend van 10 september jl. troffen drones gelanceerd vanuit Irak de belangrijke Saoedische Petroline, een 1200 km lange oliepijplijn die vanaf de Perzische Golf dwars door het Arabische schiereiland naar Yanbu aan de Rode Zee loopt (zie landkaart op p. 9). Met dat oleoduct, dat aangelegd werd in de jaren 1980, probeert Riyad de blokkade van Hormuz te omzeilen. De aanval was succesvol, want er brak brand uit, verschillende personen werden gewond en satellietbeelden toonden een dikke zwarte rookpluim. Het Saoedische ministerie voor Energie liet op 11 september weten dat de pijplijn stilgelegd was «als voorzorgsmaatregel».
Pas op 22 september werd de Petroline opnieuw geactiveerd, maar aan een zeer laag volume. Riyad meldde dat het minstens 6 tot 8 weken zou duren vooraleer men terug de volle capaciteit zou bereiken.
Dat de Houthi’s en de pro-Iraanse milities in staat zijn om dit soort acties uit te voeren, komt doordat ze zeer gemotiveerd zijn en bovendien hulp en advies van Iran hebben gekregen, met name op militair gebied. In plaats van verslagen en vernietigd te zijn ontpopt Teheran zich steeds duidelijker tot een regionale grootmacht die het lot van de Golfstaten in handen heeft en in staat is om het Westen in een economische wurggreep te houden. Want door toedoen van de Israëlisch-Amerikaanse oorlog tegen Iran wordt de hele wereldeconomie door de Iraniërs gegijzeld. Door druk uit te oefenen op de twee hefbomen van Hormuz en Bab el-Mandab jaagt Teheran de olieprijzen omhoog en destabiliseert het hele systeem.
STOP DE ZELFKASTIJDING !
Daar komt nog het probleem van de raffinage bij. Een belangrijk deel van de aardolie wordt geraffineerd in het Midden-Oosten zelf, met name in Saoedi-Arabië. Maar ook Rusland raffineert in belangrijke mate. De Oekraïense droneaanvallen hebben echter ernstige schade aangericht : de elf grootste Russische raffinaderijen werden bestookt en in het geval van Oefa, Perm en Omsk was dat tot diep in het land (op meer dan 1300 tot 2200 kilometer van de grens). Daardoor is de productie aanzienlijk verminderd. Bovendien heeft de Russische regering beslist om de dieselexport drastisch te beperken om de binnenlandse behoeften te waarborgen. Het gaat zelfs zover dat een volledig in het nauw gedreven Trump op 13 september aan Zelensky moest vragen om te stoppen met zijn aanvallen op die precieze doelwitten «omdat hij een tekort aan diesel veroorzaakt» !
Zoals gewoonlijk heeft Europa zich weer flink in de voet geschoten. Op 20 jaar tijd is de raffinagecapaciteit hier verminderd met 20 %. Wij zijn dus heel erg afhankelijk geworden van raffinaderijen buiten ons grondgebied. Als de productie in het gedrang komt, zoals momenteel het geval is, vertaalt de spanning zich onmiddellijk in een verhoging van de prijzen aan de pomp…
Onze politieke leiders weigeren hooghartig om nog gebruik te maken van Russische energiebevoorrading. Gelukkig verkopen de Russen nog wel aardolie aan India, die daar geraffineerd wordt tot diesel en vervolgens op de Europese markt terechtkomt. Wij kunnen die daar dan kopen… tegen torenhoge prijzen, maar met een gerust geweten dat wij niet afhankelijk zijn van Moskou !
Wat is de oplossing ? Onszelf inspannen om de geopolitieke spanningen te verminderen. In plaats van de oorlogstrom tegen Rusland te roffelen, moeten we bijdragen tot een einde van het conflict in Oekraïne en een normalisering van onze betrekkingen met Poetin. Ook in het Midden-Oosten is er voor ons werk aan de winkel, door onze diplomatieke inspanningen voor de totstandkoming van een definitief vredesverdrag tussen de VS en Iran. En tenslotte moeten we onze eigen energieproductie ter harte nemen, bij voorkeur via de nieuwste generatie van kerncentrales.
broeder Michel van de Triomferende Onbevlekte en het Goddelijke Hart & redactie KCR