Advent 2019 met Pius IX 

INLEIDING

Onder zware druk van de maçonnieke regeringen verklaarde paus Pius IX ooit: "Ik heb de Heilige Maagd bij me, ik zal niet opgeven." Dit geheim onthult een mysterieuze alliantie van deze paus met de Onbevlekte. Onze Vader, de Abbé de Nantes, legde uit dat Pius IX al op jonge leeftijd het voorgevoel had dat hem twee missies zouden worden toevertrouwd:

"Ten eerste de missie om de Heilige Maagd te wreken voor alle wreedheden die zich tegen haar hebben verspreid. En ten tweede de missie om alle modernistische dwalingen uit de kerk te verjagen. Deze twee dingen wilde hij tegelijkertijd doen. Men zou kunnen zeggen dat hij de veroordeling van de moderne dwalingen wilde doorstaan onder de beschermende mantel van de Maagd, die verschrikkelijk is als een leger in de strijd."

Pius IX werd even aangestoken door het liberalisme en andere nieuwlichterijen maar werd van van deze verleiding gered door zijn toewijding aan Onze-Lieve-Vrouw. Hij voorzag het immense gevecht dat de duivel aan de Maagd Maria zou leveren. Daarom is deze gezegende paus meer dan ooit onze voorspreker en beschermer in deze tijden van universele afvalligheid.

Laat ons tijdens deze advent het leven van de "Paus van de Onbevlekte" ontdekken en vragen om de gratie van trouw. Hopelijk verkrijgen we via hem, op deze 165ste verjaardag van de definitie van het dogma van de Onbevlekte Ontvangenis, de genade van Paus Franciscus om in de wereld de toewijding aan het Onbevlekte Hart van Maria te vestigen.

Dan zal de triomf van de Allerheiligste Maagd aanbreken, zoals hij het voorvoelde:  "We hebben de sterkste hoop en het grootste vertrouwen dat de Heilige Maagd die, zo mooi en onbevlekt als zij is, nadat ze de giftige kop van de wrede slang zal verpletterd hebben en de redding gebracht zal hebben voor de wereld, zo vriendelijk zal zijn om, door haar almachtige bescherming, te verzekeren dat na alle afgewende moeilijkheden, alle overwonnen fouten, onze Moeder de Heilige Katholieke Kerk van dag tot dag sterker en bloeiender zal maken bij alle naties en op alle plaatsen; dat allen die in zich vergissen, bevrijd zullen zijn van de duisternis die hun geest bedekt en zullen terugkeren naar het pad van waarheid en gerechtigheid, en dat er maar één schaapsstal is en één herder."

*
*       *

 

ZONDAG 1 DECEMBER - EERSTE ZONDAG VAN DE ADVENT

KIND VAN MARIA

Giuseppe Maria Mastai werd geboren op 13 mei 1792 in Senigallia in Italië, niet ver van Loreto. Hij was de jongste van negen kinderen. Elk jaar ging het hele gezin naar het heiligdom van Maria met het huisje van Loreto en ze namen elk jaar op 10 december samen deel aan de gebedswake om de overbrenging van de Santa Casa te herdenken.


De vroomheid van moeder Mastai heeft een grote invloed gehad op de ziel van haar kind. Elke morgen hielp Caterina bij de heilige mis en bad ze voor het beeld van Onze-Lieve-Vrouw van Smarten. Ze leerde Giuseppe Maria offertjes brengen. Zo leerde ze hem bijvoorbeeld om altijd als er fruit werd aangeboden tijdens een maaltijd de eerste vruchten op te offeren aan de heilige Maagd en ze zelf niet aan te nemen. Later, toen hij al paus was, vertrouwde hij iemand eens toe: "Dat is een oefening die ik nog op de schoot van mijn moeder heb geleerd en waaraan ik nog altijd trouw ben."

Giuseppe Maria bewaarde zorgvuldig het prentje van Onze-Lieve-Vrouw van de Heilige Hoop dat hij had gekregen bij zijn eerste communie, omdat het hem herinnerde aan "de gelukzaligheid van deze gezegende dag", zoals hij zei.

Laten we onze toewijding aan de Onbevlekte hernieuwen, want de bescherming van Maria is steviger en zekerder dan elke andere steun. Aan haar moeten we ons binden, zij is het die we moeten kiezen om trouw te volgen," legde Pius IX uit.

Kleur de Santa Casa, het heilig huisje van Maria in Loreto.

*
*       *

 

MAANDAG 2 DECEMBERDE

KLEINE GIOVANNI DE GOEDE


Hij was vriendelijk en vroom en kreeg al snel de bijnaam "Giovannino il buono", "kleine Giovanni de goede". Hij was duidelijk aangetrokken tot het goede. Zijn kameraden waardeerden hem en probeerden hem na te volgen. Giovanni hield zich verre van het "opzettelijk begaan van zonden". Een van zijn grootste vreugden was aalmoezen uitdelen zodat hij al wat hij kreeg snel weer had uitgedeeld.  
Wat hij ook graag deed, was de straat opgaan met een kruis in zijn hand. Dan verzamelde hij de kinderen uit de buurt, gaf hun catechese of nam hen mee naar de kerk.

Giuseppe Maria was een echte gangmaker en speelde met enthousiasme met de andere kinderen. Hij hield ook van muziek en leerde cello en fluit spelen.

Laten we wat extra moeite doen voor de verdieping van ons geloof en met plezier naar de kerk gaan. 


Voor de kinderen: Laten we goede kinderen zijn, goed opletten tijdens de godsdienstles en met plezier naar de kerk gaan. 

Kleur een deel van het fries.

*
*       *

 

DINSDAG 3 DECEMBER

DE KROON VAN TWAALF STERREN

Eerst studeerde Giovanni Maria onder leiding van een priester. Toen hij elf jaar was, ging hij naar het college van San Michele in Volterra, waar hij zich onderscheidde door zijn vlijt en intelligentie. Gedurende deze jaren werd zijn toewijding aan de Heilige Maagd altijd sterker. De broeders van het college leerden hun studenten elke dag de 'Kroon van twaalf sterren' te bidden ter ere van de twaalf voorrechten van de Moeder Gods. Toen Giovanni Maria uiteindelijk benoemd werd tot afgevaardigde van de academie, wijdde hij zijn eerste toespraak aan de Onbevlekte Ontvangenis.

Later zou hij als paus schrijven: "Vanaf onze eerste kinderjaartjes bestaat er niets dierbaarders, niets kostbaarders dan de Heilige Maagd Maria te eren met bijzondere devotie, een speciale verering en de intiemste toewijding van ons hart, en alles te doen waarvan we denken dat het kan bijdragen aan haar grotere glorie en lof, aan de uitbreiding van haar cultus."

Eer aan God de Vader, die de Maagd Maria van elk vlekje heeft gevrijwaard in haar Ontvangenis! (Uit: "De kroon van twaalf sterren", zoals we later zullen zien in het boekje van de Advent.)

Kleur de sterren rond het hoofd van Onze Lieve Vrouw van Lourdes.  

*
*       *

 

WOENSDAG 4 DECEMBER

JIJ ZAL ERDOOR BESCHERMD WORDEN

In 1815 wilde Giovanni Maria graag lid worden van de Nobelgarde (die werd opgericht door Pius VII en samen met de Zwitserse wacht instaat voor de bescherming van de paus). Helaas leed Giovanni Maria al jarenlang aan een ernstige ziekte...

Op een novemberavond moest het rijtuig van kardinaal Fontana abrupt stoppen voor een lichaam op straat. Het was de jonge Mastai, die een epilepsie-aanval had gehad. Op deze manier werd de zwakheid van de jongeman algemeen bekend. Hij kon de ziekte niet langer verborgen houden en zou niet worden toegelaten tot de Nobelgarde. Ontmoedigd ging hij naar paus Pius VII, en wierp zich aan zijn voeten. Die troostte hem:

"Rustig, mijn zoon. Wie weet of God al je plannen niet heeft gedwarsboomd om je voor eens en voor al tot Hem te trekken. Vertrouw op Zijn goedheid. Vertrouw jezelf ook toe aan het Hart van de zeer liefhebbende Moeder wiens naam je draagt en beveel jezelf aan haar krachtige hulp aan. "

Na afloop van deze ontmoeting sprak Vincenzo Pallotti deze profetische woorden: "Rustig maar… In plaats van zelf Nobelgarde te worden, zul jij erdoor beschermd worden."

Laten we in onze beproevingen vertrouwen blijven houden, net als Pius IX: "Waarom bang zijnOnze Lieve Heer staat niet toe dat we een gewicht moeten dragen dat onze krachten te boven gaat. In alle dingen, o mijn God: Uw heilige wil geschiede!"

Kleur Paus Pius VII.

*
*       *

 

DONDERDAG 5 DECEMBER

DE WEGEN VAN DE VOORZIENIGHEID

Enkele weken later ging Giovanni Maria naar Loreto om zijn ziel uit te storten in het hart van zijn Hemelse Moeder. In de Santa Casa, aan de voeten van Onze-Lieve-Vrouw van Loreto, legde hij de gelofte af de priesterlijke staat te zullen omhelzen. Vanaf de dag van deze bedevaart was hij volledig en definitief genezen.

In het licht van dit wonder begreep hij de lange jaren van beproeving als een bewijs van de welwillende aandacht van de Goddelijke Voorzienigheid. Want de ziekte had hem, door hem ‘uit de wereld’ te houden tot zijn zesentwintig jaar, behouden voor de gevaren ervan. Hij zou schrijven:

"Mijn gezondheid heeft me er duidelijker van bewustgemaakt dat het geluk niet van deze wereld is en dat deze wereld dan ook de plaats is waar de mens zijn geluk moet voorbereiden. "

Zie hoe God in zijn Voorzienigheid de levens van degenen van wie hij houdt, weet in te richten, zoals Hij het ook gedaan heeft voor zijn moeder en zijn voedstervader. Niet altijd in vreugde, noch altijd in verdriet. Laten we dicht bij Maria en Jozef blijven: het is de beste manier om altijd bij Jezus te zijn!” (Pius IX)

Kleur Onze Lieve Vrouw van Loreto.

*
*       *

 

VRIJDAG 6 DECEMBER - EERSTE VRIJDAG VAN DE MAAND

APOSTEL VAN MARIA-VOORSPREEKSTER

Tijdens zijn voorbereiding op het priesterschap in Rome zorgde Giovanni Maria voor de wezen, scholieren en kinderarbeiders van het hospitium Tata Giovanni. Met heel zijn hart, dat zo goed was, boog hij zich over de ellende van deze kinderen, in volkomen zelfvergetelheid.

Na zijn priesterwijding op 10 april 1819 legde hij zoveel ijver aan de dag in allerlei werken van vroomheid en liefdadigheid dat hij de bijnaam ‘de verrezen Sint Filip [Neri]’ kreeg. Wat een pijnlijk afscheid van zijn dierbare armen was het toen hij een pontificale missie kreeg in Chili!

Als heilige bisschop van Spoleto in april 1827 beroerde hij de zielen met zijn onuitputtelijke prediking waarin hij de voorrechten en de macht van Maria-Voorspreekster hoogprees:

"In feite is alles in Maria glorievol. Haar ontvangenis, haar geboorte, haar leven, haar dood en uiteindelijk haar graf. In dit graf lag ze zonder bederf en ze zou daar kort nadien triomfantelijk uit tevoorschijn komen. Geliefde zonen, willen we sterven als de Maagd, zonder angst? Laten we leven als de Maagd, die de zonde haatte en verafschuwde... Onthoud dat Maria in de hemel de machtige Bemiddelaarster is, de barmhartige advocaat, uw moeder."

O Maria, Onbevlekte schenker van de genaden van God, bid voor ons!

Kleur Giovanni Maria aan de voeten van Pius VII.

*
*       *

 

ZATERDAG 7 DECEMBER – EERSTE ZATERDAG VAN DE MAAND

HULP VAN DE ARMEN

Veel gezinnen plukten de vruchten van zijn gulheid. "Hij heeft een gat in beide handen", zeiden de mensen. Op een dag kreeg Giovanni Maria bezoek van een man die diep in de schulden zat en voor wie de vrijgevigheid van zijn bisschop de laatste hoop was.

- Hoeveel heb je nodig?

- Eminentie, ik heb veertig kronen nodig.

- Mijn arme vriend, ik heb geen baiok [vijf cent]! Maar neem deze zilveren kandelaars en verkoop ze; ze leveren het geld op dat je nodig hebt. "

De zilversmid herkende echter het wapenschild van de bisschop en rende naar het bisschoppelijk paleis.

- Uw eminentie is bestolen!

- Neen!

- Men heeft me voorwerpen gebracht die van u zijn.

- Bedankt voor je goede zorgen, mijn vriend, maar deze dingen zijn niet meer van mij. Je kan ze met een gerust hart van die mensen kopen, als je er interesse in hebt. Maak je geen zorgen, er is niets gestolen.

De zilversmid begreep hoe de vork aan de steel zat, gaf veertig kronen aan de behoeftige... en bracht de kandelaars terug naar monseigneur.

O Maria, Onbevlekte Maagd in uw conceptie, bid voor ons!

Moge de Allerheiligste Drievuldigheid gezegend, geprezen en aanbeden worden voor alle genaden die Zij aan de Maagd Maria heeft verleend.

Kleur een deel van het fries.

*
*       *

 

ZONDAG 8 DECEMBER - TWEEDE ZONDAG VAN DE ADVENT

DE PAUS VAN DE DUIF

Gregorius XVI, die zijn deugden en verdiensten opgemerkt had, vertrouwde hem het bisdom van Imola toe en verleende hem vervolgens het purper der kardinalen. De staatssecretaris was verrast:

- Bij de familie Mastai is iedereen liberaal, zelfs de katten.

- Die man, onderbrak de paus hem, dát is nu eens een goede bisschop.

In 1841 wijdde Giovanni Maria zijn bisdom toe aan het Heilig Hart van Jezus en breidde hij de "Vrome Unie" uit naar alle parochies in het bisdom.

"Haast u om uzelf volledig te wijden aan de liefde en glorie van Jezus Christus, onder de vlag van Zijn Allerheiligste Hart. Met dit teken zal je overwinnen, en de vijand van het heil zal ervoor op de vlucht slaan."

Om na de dood van Gregorius XVI in het conclaaf te geraken, moest de aartsbisschop van Imola, volkomen blut door zijn buitensporige aalmoezen, driehonderd kronen lenen.

Onderweg reden ze door Fossombrone in De Marken en er kwam een witte duif op zijn koets zitten, tot grote vreugde van de inwoners van het stadje. De duif bleek helemaal niet te schrikken van hun geroep. Als ze voorzichtig werd aangeraakt met een rietstengel, vloog ze op, maar even later keerde ze terug naar dezelfde plaats op de wagen. Het enthousiasme steeg ten top:

- Ja, hier is de paus! De paus van de duif!

Allen volgden de wagen en liepen in stoet naar de poorten van de stad. Pas daar vloog de vogel weer weg.

In Cantiono landde er opnieuw een duif op zijn koets. Op hetzelfde moment riep een klein kind, dat nog niet praatte, bij het zien van de voorbijrijdende kardinaal: "De paus! De paus!"

Laten we, net als paus Pius IX, altijd vertrouwen op de Onbevlekte: "Men moet nooit vrezen, nooit wanhopen, onder de leiding, de hoede, de bescherming van Haar die voor ons een echt moederhart heeft! "

Kleur de duiven (in het fries).

*
*       *